Lusaka is een beetje saai

En het internetcafe is uiterst traag. Heel Zambia heeft iets Marxistisch. Veel minder opdringerig dan Tanzania waar iedereen probeert iets te verkopen aan iedereen. Lusaka maakt zich op voor de begrafenis van de president, morgen. Daarna barst de grote strijd voor de opvolging los.

De mensen die hier iets hebben opgebouwd, zijn bang dat een kandidaat van de ‘have nots’ wint en vervolgens, om in het zadel te blijven, alles van de ‘haves’ weggeeft zodat niemand meer iets heeft. Het scenario van Zimbabwe.

Na zoveel landen in Oostelijk en Zuidelijk Afrika begin ik steeds meer begrip te krijgen voor het Chinese model van ontwikkeling. Chinese aannemers bouwen met locale werknemers wegen door Afrika en daarvoor krijgen zij grondstoffen terug. De mijnen gaan weer open. Naar mensenrechten wordt niet geraagd. Eerst ontwikkeling, dan mensenrechten.

De kinderen staan overal met opgehouden hand langs de weg: sweets, pen, money! Overal vinden mensen dat je iets moet geven voor ongevraagde diensten of vriendelijkheid. Er is water. Er is vruchtbaar land. Het is een prettig klimaat om in te werken. Er zijn voorbeelden te over van hoe het kan. Het continent staat vol met scholen met motto’s die er allemaal op neer komen dat je met hard werken voor je eigen toekomst kunt zorgen. Een paar generaties later heeft het nog niets opgeleverd terwijl de rest van de toen onderontwikkelde wereld gaat al seen speer.

Zoals sommige landen er voor zouden kiezen de democratie direct weer af te schaffen als er gestemd mocht worden, lijkt Afrika er voor te kiezen vast te houden aan tradities die ontwikkeling in de weg staan. En om af te breken wat werkt…

Het is een prachtig continent met veel potentie. En dat zal het voorlopig blijven ook.

 

M’n mail kan ik van hier niet bekijken. Ik weet niet of dat aan Zamtel ligt of aan het Stadhuis. We vertrekken nu naar Livingstone. Daar waag ik nog een poging om de gemeentelijke webmail op te komen.